Samengevat

Zwaarlijvigheid is een extreme vorm van overgewicht wat met enkele eenvoudige richtlijnen kan vastgesteld worden. Overgewicht op zijn beurt is het resultaat van een te energierijk dieet in verhouding tot de hoeveelheid beweging, bepaalde hormonale afwijkingen of een erfelijke aanleg. Te zwaar zijn heeft op zich ook verstrekkende gevolgen voor gezondheid en welbehagen en kan onderliggende of ernaast bestaande aandoeningen verergeren. Het beste advies om overgewicht te voorkomen is meestal om de kwaliteit en kwantiteit van het voedsel aan te passen aan de behoefte van de hond. Met behoefte wordt niet bedoeld wat de hond vindt of wat het baasje niet kan weerstaan maar wat het activiteitsniveau is van de hond. Dit in het bijzonder wanneer een erfelijke aanleg werd aangetoond.

Wanneer heeft een hond overgewicht?

Omwille van de grote diversiteit aan rassen en maten bestaat er niet zoiets als een BMI voor honden. Er is dus geen algemeen toepasbare wiskundige formule die een grens stelt vanaf wanneer een hond obees is maar er zijn wel enkele eenvoudige referentiepunten.

Het ideaal voor een hond is dat de ribben voelbaar zijn met de vlakke hand zonder al te veel druk te moeten uitoefenen maar niet zichtbaar zijn. Dit laatste gaat uiteraard van de veronderstelling uit dat de vacht kort genoeg is. Van opzij gezien heeft het dier een mooie opgetrokken buik en van bovenaf een duidelijke taille. In het BSC-9 systeem komt dit overeen met score 5.

Een hond is zwaarlijvig of obees wanneer je de ribben niet meer kan voelen omdat ze onder een dikke vetlaag zitten. Ook ter hoogte van de lenden, snuit en ledematen zijn vetafzettingen. Van bovenaf gezien heeft het dier geen taille, en een duidelijke uitzetting van de buik. Wanneer een hond 20% of meer weegt dan zijn streefgewicht wordt hij als zwaarlijvig beschouwd. In het BSC-9 systeem komt dit overeen met score 9.

Alles tussen het ideaal en ronduit zwaarlijvigheid noemen we overgewicht. Voor een volledig overzicht van het Body Condition Scoring systeem kijk hier.

Zijaanzicht

Ideaal (BCS 5)Zwaarlijvig (BCS 9)

Bovenaanzicht

Ideaal (BCS 5)Ideaal (BCS 9)

Beweeg de muiscursor over de afbeeldingen om het verschil te zien tussen de ideale vorm (BCS 5) en de zwaarlijvige vorm (BCS 9).

Oorzaken

  1. Te energierijk dieet in verhouding tot de hoeveelheid beweging. Met stip de hoofdoorzaak: te veel erin, te weinig eruit.
  2. Hormonale afwijkingen zoals een verminderde schildklierwerking en een verhoogde bijnierschorswerking.
  3. Erfelijke aanleg. Bij Labrador en Flat-coated retrievers werd een variatie van een gen ontdekt die gepaard gaat met een verhoogde eetlust.(10.1016/j.cmet.2016.04.012)(10.1016/j.rvsc.2017.02.014)

Sterilisatie is een risicofactor. Niet omwille van een gewijzigd metabolisme door hormonen (2 hierboven), maar wel omwille van gewijzigd gedrag (1 hierboven).

Commercieel voer versus een huisbereid potje, het maakt niet uit. Lage prijs en daarmee lage kwaliteit van het voer, zeker wel. (10.1016/j.jcpa.2017.03.006)

“Honden met overtollig lichaamsvet zijn ongezond en leven minder lang.”

Gezondheidsrisico’s

Oorzaak en gevolg zijn niet strikt van elkaar te scheiden. Elke aandoening of levensstijl waarbij er minder energie verbruikt wordt dan er wordt opgenomen leidt uiteindelijk tot een gewichtstoename. Elke beperking in beweging in combinatie met een ongewijzigde voedingsgewoonte heeft hetzelfde effect. Desondanks zijn er toch een aantal  gezondheidsproblemen die vaker bij zwaarlijvige honden worden vastgesteld dan bij andere. (10.1016/j.jcpa.2017.03.006)(10.1093/jn/136.7.1940S)

  • gewrichtsproblemen (artrose, scheuren van de voorste gekruiste band)
  • alvliesklierontsteking (pancreatitis)
  • urinewegproblemen
  • huidproblemen
  • voortplantingsproblemen
  • complicaties tijdens verdoving

Dit alles resulteert uiteindelijk in een gemiddeld verkorte levensduur van 6 tot 12 maanden.

Een wijdverbreid probleem

Verschillende studies uitgevoerd in de laatste decennia komen allemaal tot hetzelfde besluit: overgewicht bij onze huisdieren is een groot probleem. (10.1136/vr.118.14.391)(10.1136/vr.156.22.695)(10.1016/j.prevetmed.2013.08.012) (10.1101/2020.01.06.896399)

In de geïndustrialiseerde wereld heeft 20 tot 45% van de honden overgewicht. 40-45% van de honden tussen de 5 en 11 jaar is te zwaar.

% zwaarlijvigheid

Is er iets aan te doen?

Op gewicht blijven is altijd makkelijker dan afvallen. Volgende tips kunnen helpen:

  • Geef niet te veel en altijd in functie van hoe actief je hond is. Je dierenarts kan je zeker adviseren in wat genoeg is en niet te veel.
  • Gebruik voer van goede kwaliteit. Duur voer is daarom niet het beste, maar spotgoedkoop voer is dat zeker niet.
  • Dieren die droogvoer eten, enkel of in combinatie met ander voertypes, neigen naar een hoger gewicht dan zij die enkel versvoer krijgen.
  • Probiotica en een gezonde darmflora helpen om op gewicht te blijven. (10.1101/2020.01.06.896399)
  • Zorg voor voldoende activiteit (wandelen, lopen, zwemmen, spelen,..)
  • Goed of wenselijk gedrag belonen is zeer belangrijk in de opvoeding van een pup maar dat hoeft niet steevast met voedsel te zijn. Je kan ook gerust een klein beetje achterhouden en de pup zijn snoepjes laten verdienen in de loop van de dag.

Is een zwaarlijvigheidsgen bij je hond aangetroffen op beide genen dan heeft je huisvriend een sterkere eetlust dan een gemiddelde soortgenoot en zal hij van nature – als hij de kans krijgt – veel meer eten dan hij nodig heeft. Het komt er dus op aan om hem die kans niet te geven. Is slechts één van beide genen defect, dan is het effect veel kleiner maar een gepaste voedingsgewoonte blijft het beste advies.

Is je hond te zwaar en helpt al het bovenstaande niet? Raadpleeg een dierenarts, misschien is er een hormonale storing in het spel.

Bibliografie