T. +32 (0)53 72 90 20 nl | +32 (0)53 72 90 28 fr|info@zoolyx.be

FAQ

HomeFokkersFAQ
FAQ2022-06-14T11:46:29+02:00
Welke overervingswijzen bestaan er?2022-06-09T09:55:58+02:00

Geslachtsgebonden – Autosomaal

Bevindt een gen zich op een geslachtschromosoom (X of Y) dan spreken we over een geslachtsgebonden kenmerk, bevindt het zich op een van de vele andere chromosomen dan noemen we het autosomaal. Veruit de meeste genen zijn autosomaal. Geslachtsgebonden kenmerken bij zoogdieren zijn vooral X-gebonden, slechts enkele zijn Y-gebonden. Een autosomaal kenmerk komt bij beide geslachten in even sterke mate tot uiting. Een X-gebonden kenmerk gedraagt zich bij vrouwelijke individuen zoals een autosomaal kenmerk, ze hebben immers twee X-chromosomen. Bij hen kan een variant gedeeltelijk tot volledig gecompenseerd worden door een andere variant op het andere X-chromosoom. Mannetjes daarentegen hebben er echter slechts één X-chromosoom. Een variant of defect zal bij hen steeds tot uiting komen. Een Y-gebonden kenmerk kan dan weer enkel tot uiting komen bij mannelijke individuen, vrouwtjes hebben immers geen Y-chromosoom. Dat laatste is ietwat theoretisch: er zijn bij onze huisdieren momenteel geen Y-gebonden kenmerken met een praktisch (lees testbaar) nut bekend.

Dominant – Co-dominant – Recessief

Een tweede onderscheid dat gemaakt wordt, geeft weer hoe sterk een kenmerk tot uiting komt. Volstaat dat de variant op één van beide genen aanwezig is dan is deze dominant. Komt de variant enkel tot uiting wanneer beide genen de variant dragen dan is hij recessief. Een derde mogelijk is dat de variant slechts gedeeltelijk tot uiting komt. Er bestaan dan drie vormen: één waar het kenmerk vol tot expressie komt omdat beide genen de variant dragen, één waar het niet tot expressie komt eenvoudig omdat de variant niet aanwezig is, en één met iets ertussenin waar slechts één van de genen de variant vertoont. In dat geval spreken we over codominantie of partiële dominantie. X(en Y)-gebonden kenmerken zijn voor mannelijke individuen steeds dominant.

Penetrantie

De aanwezigheid van een variant garandeert niet altijd dat deze fenotypisch tot uitdrukking komt, zelfs niet wanneer die dominant is of, in geval van recessiviteit, op beide genen aanwezig is. In dergelijk geval spreken we over onvolledige penetrantie van een variant. Dit doet zich niet voor bij alle genetische defecten of kenmerken maar het kan bij sommige een spelbederver zijn die maakt dat genetica geen exacte wiskunde is hoewel het soms wel zo wordt voorgesteld en begrepen. Er zijn verschillende mechanismen die dit fenomeen verklaren:

  • er zijn meerdere genen (polygeen) in het spel die het fenotype bepalen, waarbij één gen het effect van een ander kan beïnvloeden en zelfs tenietdoen;
  • het genotype komt pas tot uiting bij bepaalde omgevingsfactoren (leefwijze, voeding, stress …) en/of op een bepaalde leeftijd;
  • het genotype wordt in- of uitgeschakeld al naargelang de omstandigheden (epigenetische regulatie) die het individu zelf meemaakt of zijn voorouders. Zo kan ook een voorgeprogrammeerde voorkeur ontstaan om het vaderlijke dan wel maternale allel, of vice versa, te activeren (genomische imprinting).
Wat is het verschil tussen genotype en fenotype?2022-06-15T19:09:30+02:00

De genetische bibliotheek van elk individu is georganiseerd in twee sets chromosomen: één set is afkomstig van vader, de andere van moeder. Alle chromosomen hebben een homoloog in de andere set. Met homoloog bedoelen we dat het functionele kopieën zijn, i.e. dezelfde genen bezitten (met uitzondering van het Y chromosoom), maar niet dat het exacte kopieën zijn. Binnen een soort zijn er dikwijls twee of meer varianten van eenzelfde gen. De variant van het gen op het chromosoom afkomstig van de vader kan dus best verschillen van de maternale genvariant.

Zo een variant noemen we ook een allel. Elk individu bezit dus voor elke gen twee allelen. Deze kunnen identiek zijn, homozygoot, of verschillend, heterozygoot. Het genotype is een (gecodeerde) beschrijving van de varianten die aanwezig zijn op de beide genen. Bvb A/A of a/a of A/a.

Een schematische voorstelling van twee homologe chromosomen met een gen met twee mogelijke allelen en dus drie mogelijke genotypes: A/A, a/a (beiden homozygoot) en A/a (heterozygoot).

Het fenotype daarentegen is een (woordelijke) beschrijving van de eigenschap zoals die bij het individu waargenomen wordt; bvb zwart, bruin, geel… Meerdere genotypes kunnen leiden tot hetzelfde fenotype en omgekeerd. Vaak kan uit het genotype het fenotype afgeleid worden; omgekeerd heeft men soms het fenotype nodig om het genotype exacter te bepalen. Dit laatste is bvb het geval wanneer een fenotype door meerdere genen gecontroleerd wordt maar deze niet allemaal tot op het niveau van DNA gekend zijn en dus ook niet getest kunnen worden.

Een voorbeeld maakt alles snel duidelijker

De drie belangrijkste vachtkleuren bij Labrador retrievers zijn geel, bruin (chocolade) en zwart (er bestaan er nog maar om het niet te complex te maken houden we hier even bij). Dit vachtkleur-fenotype wordt gecontroleerd door twee genen of loci (enkelvoud: locus) met een klassieke dominant/recessieve overerving: de B en de E-locus. De twee loci hebben elks 2 mogelijke allelen, resp. B of b, en E of e. De B-locus regelt of het gevormde pigment zwart (B) dan wel bruin (b) is, de E-locus schakelt de B-locus aa,n (E) of af (e).  Dit resulteert in 9 mogelijke genotypes:


E/B BB Bb bb
EE BBEE BbEE bbEE
Ee BBEe BbEe bbEe
ee BBee Bbee bbee

 

Uit de tabel kan je afleiden dat alle gele Labradors “gefixeerd” zijn voor de E-locus met het e allel. In dit geval kan je het E-locus genotype (ee) dus afleiden uit het fenotype (geel).

Hoe wordt een recessief kenmerk overgeërfd?2022-06-13T19:15:34+02:00

Een recessieve variant komt pas tot uiting indien die op beide genen aanwezig is. Hieronder is schematisch voorgesteld is wat het resultaat is van de verschillende mogelijke fokcombinaties. Bemerk dat dragers van een recessief kenmerk (+/-)  zelf fenotypisch het kenmerk niet vertonen en dus in de letterlijke zin als dragers dienen beschouwd te worden. Pas wanneer twee dragers met elkaar gekruist worden, kunnen er nakomelingen geboren worden die het kenmerk vertonen.

De getoonde percentages verschillend van 100 zijn de gemiddelde uitkomsten wanneer de betreffende combinatie vele keren herhaald wordt. Het zijn met andere woorden kansen, geen zekerheden. De verdeling van de verschillende genotypes binnen een individueel beschouwde fokcombinatie kan best anders uitdraaien maar gemiddeld genomen is dit de kansverdeling.

Hoe wordt een dominant kenmerk overgeërfd?2022-06-13T19:15:54+02:00

Een dominant genetische variant zal tot uiting komen van zodra die aanwezig is op één van de twee genen. Hieronder is schematisch voorgesteld wat de uitkomst is van de verschillende mogelijke fokcombinaties. Bemerk dat dragers van een dominante variant (++/–) fenotypisch als lijders dienen beschouwd te worden. Vaak is het zo dat dominant overgeërfde genetische defecten niet levensvatbaar zijn wanneer de variant op beide genen aanwezig is (++/++) en leidt tot vroege embryonale sterfte, doodgeboorte of sterfte kort na de geboorte.

De getoonde percentages verschillend van 100 zijn de gemiddelde uitkomsten wanneer de betreffende combinatie vele keren herhaald wordt. Het zijn met andere woorden kansen, geen zekerheden. De verdeling van de verschillende genotypes binnen een individueel beschouwde fokcombinatie kan best anders uitdraaien maar gemiddeld genomen is dit de kansverdeling.

Hoe wordt een X-gebonden kenmerk overgeërfd?2022-06-13T19:16:26+02:00

Aangezien mannelijke individuen slechts één X-chromosoom bezitten, zal een X-gebonden gen bij hen steeds tot uitdrukking komen (tenzij er compenserende mechanismen bestaan via andere genen op hetzelfde of andere chromosomen). Het fenotype zal bij mannetjes wel vaker voorkomen dan bij vrouwtjes.

Bij vrouwelijke exemplaren gedraagt een X-gebonden variant zich zoals autosomale varianten (dominant/recessief of co-dominant) daar zij over twee X-chromosomen beschikken.

Hieronder is schematisch voorgesteld wat het resultaat is van de verschillende mogelijke fokcombinaties. Bemerk dat er geen mannelijke dragers zijn, en dat vrouwelijke dragers, gesteld dat het over een recessief kenmerk (+/-)  gaat, zelf fenotypisch het kenmerk niet vertonen en dus in de letterlijke zin wel als dragers dienen beschouwd te worden. Vrouwelijke lijders kunnen enkel tot stand komen indien een mannelijke lijder in de fokcombinatie betrokken is.

De getoonde percentages verschillend van 100 zijn de gemiddelde uitkomsten wanneer de betreffende combinatie vele keren herhaald wordt. Het zijn met andere woorden kansen, geen zekerheden. De verdeling van de verschillende genotypes binnen een individueel beschouwde fokcombinatie kan best anders uitdraaien maar gemiddeld genomen is dit de kansverdeling.

Wat is myzoolyx?2022-05-09T18:43:58+02:00

myzoolyx is een webapplicatie waar dierenartsen, diereneigenaars en bij uitbreiding iedereen die stalen voor analyse bij Zoolyx instuurt resultaten kunnen raadplegen, delen, downloaden, bijkomende analyses bestellen en vragen stellen.

Dierenartsen hebben een aantal extra functionaliteiten zoals het vragen van een staalophaling via onze koerierdienst en het volledige digitaal aanvragen van laboanalyses vanuit de eigen praktijkbeheersoftware.

myzoolyx geeft ook toegang tot informatie en artikels voorbehouden voor onze klanten via een uitgebreidere versie van wikilab, onze labogids .

Hoe een shortcut maken naar myzoolyx op iphone/ipad?2022-05-09T18:43:11+02:00

Een shortcut naar myzoolyx maken zodat de app steeds binnen handbereik is?  Volg de handelingen in deze video.

Hoe krijg ik toegang tot myzoolyx?2022-05-09T18:43:50+02:00

Als je een monster instuurt met vermelding van je emailadres wordt er automatisch een account aangemaakt. Je krijgt een bericht via email om het account te activeren en een paswoord in te stellen. Doe je dit in de hoedanigheid van dierenarts dan heb je ook meteen toegang tot alle functies voor dierenartsen.

Je kan je ook registeren via het menu myZoolyx > Aanmelden > Registreren. Volg dan deze stappen.

  1. Vul je emailadres in.
  2. Wacht op de activatiemail (kijk ook in je spamfolder of ongewenste berichten indien dit langer dan een minuut op zich laat wachten)
  3. Klik op de activatielink of knop in de mail.
  4. Stel een paswoord in.  Terwijl je typt wordt de sterkte van het paswoord aangegeven. Zolang dit niet voldoende is, kan je het niet bewaren.
  5. Herhaal het paswoord en bewaar.
  6. Login en vervolledig de gevraagde (adres)gegevens
  7. (enkel voor dierenarts) Vul je NGROD (nl) of CRFOMV (fr) nummer in.
  8. (enkel voor dierenarts) Wanneer we je registratie als dierenarts geverifieerd hebben, krijg je een bevestigingsmail. Vanaf nu heb je toegang tot alle functies voor dierenartsen. 
Ik heb een email gekregen van een resultaat maar ik ken mijn paswoord niet?2022-05-09T18:43:03+02:00

Als u een email hebt gekregen waarin verwezen wordt naar een laboresultaat werd er automatisch een account voor u gemaakt.

U hoeft zich niet te registreren.

De gebruikersnaam is gelijk aan het emailadres waar het bericht naar werd gestuurd en staat ook zo in het bericht expliciet vermeld. Let op: als u meerdere emailaliassen hebt of de berichten u bereiken via een automatisch ingestelde forward, kan het zijn dat het emailadres waarmee u dient aan te loggen afwijkt van datgene dat u gewend bent te gebruiken.

Het paswoord kan u in dit geval uiteraard niet kennen en dient u te resetten via de “paswoord vergeten” link op de loginpagina (zie onder) en volg daarna de scherminstructies.

Ik heb een bericht ontvangen dat de afnamekit verstuurd werd maar ik heb nog niets ontvangen.2022-05-09T19:05:56+02:00

U kan het pakje volgen via track.bpost.be. Voer hier de code in die in de email staat die u ontving.

Als de opzoeking geen resultaat oplevert of het pakje blijft langer dan 5 dagen in een bepaalde status hangen, neem dan contact met ons op met vermelding van het dossiernummer of de code in de email.

Contacteer ons
Hoe een DNA swab (Copan eNat) nemen bij hond of kat?2022-05-09T18:48:56+02:00

Voor de beste resultaten is het aanbevolen om de dieren 30 minuten voor de staalname niet te laten eten of drinken.

  1. Ga dier per dier te werk. Neem de swab en tube uit de verpakking.
  2. Roteer de swab gedurende 30 sec op een plaats waar het speeksel zich op natuurlijke wijze verzamelt: aan de binnenzijde van de wang of onder de tong. Laat het dier niet op het sponsje bijten of kauwen.
  3. Draai zonder morsen de dop van de tube en steek de swab zonder het uiteinde aan te raken in de tube. Breek de steel af bij het breekpunt door hem om te buigen en vervolgens af te draaien.
  4. Gooi het afgebroken stuk weg. Draai de dop goed terug vast op de tube. Niet schudden.
  5. Plak een chipbarcodelabel op het formulier en noteer het volgnummer of chipnr op de tube. Als meerdere nesten tegelijk bemonsterd worden, zet ook een indicatie van het nest op elke tube.

Hoe een haarstaal nemen voor DNA testen bij paarden?2022-05-09T18:42:50+02:00
  1. Laat het dier vasthouden door een helper. De procedure is niet pijnlijk voor het dier maar angstige dieren kunnen altijd even schrikken.
  2. Draai een vinger rond een lok manen en trek er snel en krachtig aan.
  3. De haarwortels zijn zichtbaar als witte puntjes aan de basis van de haarschacht. Niet aanraken.
  4. Doe de haren in een plastic zakje met zipsluiting en sluit af.
  5. Breng een identificatie met betrekking tot het dier op het zakje aan.

 

Zijn de afnameinstructies beschikbaar in het Engels?2022-05-09T18:46:44+02:00

Ja. U kan ze hier downloaden.

Download
Wat is een geldig ISAG DNA-profiel?2022-05-09T18:37:52+02:00

De International Society for Animal Genetics, kortweg ISAG, legt de methode en genetische merkerset vast die internationaal toegepast wordt om de afstamming van dieren na te gaan.

Voor de hond bevat een ISAG profiel volgende merkers .

AHT121 INRA21
AHT137 INU005
AHTh130 (*) INU030
AHTh171 INU055
AHTh260 REN105L03
AHTk211 REN162C04
AHTk253 REN169D01
AMELOGENIN (**) REN169O18
CXX279 REN54P11
(FH2054) (***) REN64E19 (*)
FH2848 REN247M23 (*)
(*) optioneel

(**) geslachtsmerker

(***) werd geschrapt sinds eind 2017, en wordt niet langer rekening mee gehouden.

Een geldig profiel

  • is goed leesbaar, alle getallen moeten ondubbelzinnig leesbaar zijn;
  • omschrijft de allelen van de merkers onder de vorm van een getal (bvb 220/224). De AMELOGENIN merker mag gerapporteerd zijn als X/X of X/Y (of Y/X);
  • bevat indien getypeerd op basis van de oudere merkerset van 19 merkers (incl. FH2054) minstens 17 merkers (excl. FH2054) uit het ISAG panel;
  • bevat indien getypeerd op basis van de merkerset die uit 22 (incl. FH2054) of 21 merkers (excl. FH2054) bestaat, minstens 20 merkers (excl. FH2054) uit het ISAG panel.

In het verleden werd door sommige laboratoria, rassen (bvb. Duitse herder) of stamboekverenigingen hiervan gedeeltelijk of volledig afgeweken. Dergelijke profielen zijn niet bruikbaar en worden niet aanvaard. Indien van uw teef of reu geen ISAG compatibel DNA-profiel beschikbaar is dat voldoet aan de eisen hierboven, zal het opnieuw moeten opgesteld worden.

 

Hoe lang duurt de analyse voor afstammingscontrole?2022-05-09T18:37:57+02:00

2 weken, indien een geldig ISAG profiel beschikbaar is van beide ouderdieren.

De procedure kan langer in beslag nemen wanneer

  • een profiel ontbreekt van één of beide ouders;
    actie: u krijgt een email met het verzoek een geldig ISAG profiel in te zenden.
  • het monster van één of meerdere dieren ontoereikend blijkt;
    actie: u krijgt een nieuwe afnamekit toegestuurd met het verzoek een nieuw monster te nemen van de betreffende dieren. Indien ook het nieuwe monster ontoereikend blijkt zal verzocht worden een EDTA bloedstaal af te nemen. Hiervoor wordt geen kit verstuurd; alle benodigdheden behoren tot de standaarduitrusting van uw dierenarts.
Ouderdier overleden, geen profiel beschikbaar. Wat nu?2022-05-09T18:38:03+02:00

Indien een ouderdier overleden is zonder dat eerder een ISAG compatibel DNAprofiel werd opgesteld, zijn er twee mogelijkheden.

Er is nog monstermateriaal beschikbaar.

Het DNAprofiel kan opgesteld worden aan de hand van (diepvries)sperma of een weefselbiopt.

Borstels, speeltjes, halsbanden en andere attributen waarmee het overleden dier intiem mee in contact is geweest, evenals gestold bloed of urine KUNNEN NIET. De analysemethode is geoptimaliseerd voor zuivere monstertypes. Gecontamineerde (onzuiver) monsters vergen forensische onderzoekstechnieken die vele malen duurder zijn zonder enige garantie op resultaat.

Er is geen monstermateriaal beschikbaar.

Indien het lichaam (of sperma) niet meer beschikbaar is kan het profiel gereconstrueerd worden aan de hand van

  • het profiel van BEIDE ouders van het overleden dier
  • plus een nest waarvan het overleden dier ouder wordt geacht te zijn

Een gereconstrueerd profiel is niet altijd volledig en bevat een aantal onzekerheden. Hoe meer afstammelingen (pups) in de reconstructie betrokken worden, hoe correcter en hoe groter de zekerheid van afstamming.

Welke regels worden gevolgd voor het controleren van de afstamming?2022-05-09T18:38:08+02:00

De afstamming wordt geaccepteerd en gerapporteerd als JJJ indien in de 21 onderzochte merkers van de nakomeling de volgende situaties voorkomen:

  1. een sluitende afstamming: voor alle merkers wordt het ene allel van de nakomeling teruggevonden bij de vader en het ander bij de moeder.

    vb. sluitende afstamming

  2. één mismatch is toegestaan: één allel van één merker wordt niet teruggevonden bij één van de ouders.

    vb. afstamming met 1 mismatch tov vader

 

Wanneer twee of meerdere markers fout gaan, wordt de afstamming afgekeurd waarbij

  1. JN = vader kan niet uitgesloten worden, moeder is uitgesloten

    vb. 4 merkers falen tov moeder

  2. NJ = vader is uitgesloten, moeder kan niet uitgesloten worden
  3. NN = vader en moeder zijn uitgesloten

In geval geen andere ouder(s) in aanmerking komen, kan het profiel van het vermeende ouderdier opnieuw opgesteld worden via een nieuwe staalname om fouten in zijn aanvankelijk profiel uit te sluiten.

Belangrijk: de afstamming wordt voor gans het nest bekeken. Zolang één van de pups niet kwalificeert wordt ook de pedigree van de andere pups die eventueel wel kwalificeren niet vrijgegeven.

 

De afstamming van mijn pups klopt niet. Wat nu?2022-05-09T18:38:13+02:00

Om afstamming te bewijzen moet aan bepaalde regels voldaan zijn.

De meest voorkomende oorzaken van een (voorlopige) afkeuring zijn:

  • werkelijk een andere vader of een dubbele dekking (sommige rassen zijn hiervoor notoir)
  • fout in twee of meer merkers van het profiel van één of beide ouders
  • verkeerde ouder(s) opgegeven tijdens nestaangifte
  • profiel van één of beide ouders is niet ISAG compatiebel
  • in geval van gelijktijdige nesten, pups die in een andere nest gekropen zijn
  • in geval van afname van meerdere nesten tegelijk, verwisseling van pups van het ene nest met een ander

 

Het geslacht op het afstammingscertificaat klopt niet. Hoe kan dat?2022-05-09T18:38:19+02:00

Het geslacht op het certificaat wordt bepaald door de AMELOGENIN merker.

Geslacht Letternotatie Getalnotatie
Mannelijk X/Y of Y/X 182/217
Vrouwelijk X/X 217/217

Er word geen rekening gehouden met het geslacht dat doorgegeven werd bij de aanvraag. Het DNA aanwezig in de tube enerzijds en het chipnummer (of andere identificatie) op dezelfde tube anderzijds zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wanneer het afwijkt van het echte geslacht kan er zich tijdens staalname of staalontvangst een staalverwisseling voorgedaan.

En nu?

Eerst kijken we de ruwe analysegegevens opnieuw na om na te gaan of het piekenpatroon niet verkeerd werd geïnterpreteerd. Indien het geval wordt dit uiteraard zonder meerkosten rechtgezet.

In geval van verwisseling is niet alleen het geslacht verkeerd maar het ganse profiel. Het verkeerde dier werd immers aan de verkeerde tube gekoppeld. Wij kijken de identificatie van de originele tubes na en de stalen worden opnieuw geanalyseerd. Er zijn dan twee mogelijkheden.

    1. Uit de heranalyse komt een ander profiel (en geslacht). De vergissing heeft zich voorgedaan bij staalontvangst. De fout wordt rechtgezet zonder meerkosten.
    2. Uit de heranalyse komt hetzelfde profiel (en dus geslacht). De vergissing heeft zich bij staalname voorgedaan. De fout kan niet rechtgezet worden zonder een nieuwe staalname op eigen kosten.
Kan ik als eigenaar interpretatie vragen over analyseresultaten?2022-05-23T10:01:24+02:00

Wij kunnen en mogen, zelfs als dierenarts, geen adviezen geven over dieren die wij niet zelf in behandeling hebben. U kan zich steeds met de resultaten wenden tot uw dierenarts die wij graag bijstaan mocht deze verdere vragen hebben.

Deel onze FAQ met iedereen!